Wanneer heb je een natuurvergunning nodig?

Voor de particulieren en ondernemers die zelf een ruimtelijke ontwikkeling wensen te realiseren, bijvoorbeeld het organiseren van een evenement of uitbreiding van bedrijfsactiviteiten waarbij mogelijk natuurwaarden aangetast worden, geldt dat een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (natuurvergunning) aangevraagd moet worden. In deze blog wordt besproken in welke situaties en onder welke voorwaarden dit het geval is. Ook wordt aangegeven tot in hoeverre een natuurvergunning vereist is wanneer u een bestaand project of activiteit wilt wijzigen of uitbreiden.

Ruimtelijke ontwikkelingen hebben dikwijls gevolgen voor de natuurwaarden die ter plaatse aanwezig zijn. Hierbij kan gedacht worden aan beschermde habitattypen en diersoorten die verstoord worden door stikstofuitstoot, verslechtering van de luchtkwaliteit of bodemverstoring.

In een eerdere blog is uiteen gezet hoe omwonenden en eigenaren van nabijgelegen percelen, of ondernemers wiens bedrijfsvoering sterk afhankelijk is van het desbetreffende natuurgebied, kunnen procederen tegen een besluit dat aantasting van de natuur kan veroorzaken. Voor activiteiten  waarbij mogelijk natuurwaarden aangetast worden, geldt dat een vergunning nodig is op grond van de Wet natuurbescherming (natuurvergunning). 

Situaties waarin een natuurvergunning aangevraagd moet worden

De bepalingen die gelden ter waarborging van beschermde habitattypen en diersoorten zijn neergelegd in de Wet natuurbescherming (Wnb). In deze wet wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds plannen en anderzijds projecten. Het begrip ‘plan’ in de zin van de Wnb betreft een ruimtelijk plan dat een bestuursorgaan wordt vastgesteld, zoals een bestemmingsplan. Het begrip ‘project’ ziet op alle ruimtelijke projecten, dus ook projecten en evenementen van particulieren en ondernemers.

Uit de Wnb volgt dat wanneer een voorgenomen plan of project significante gevolgen kan hebben voor een natura 2000-gebied, deze enkel vastgesteld respectievelijk gerealiseerd kan worden als aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Voor particulieren en ondernemers die een project wensen te realiseren betekent dit dat zij een Natuurvergunning moeten aanvragen bij gedeputeerde staten. In het hierna volgende worden de vereisten voor het verkrijgen van een Natuurvergunning voor een project besproken.

Vereisten om voor een natuurvergunning in aanmerking te komen

Wanneer niet kan worden uitgesloten dat het beoogde project of evenement significante gevolgen kan hebben voor het natuurgebied, dient een passende beoordeling te worden gemaakt van de mogelijke gevolgen van het project voor het Natura 2000-gebied. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de instandhoudingsdoelstellingen van het gebied, welke teruggevonden kunnen worden op de website van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De natuurvergunning voor het project kan enkel verleend worden wanneer uit de beoordeling de zekerheid is verkregen dat deze de kenmerken van het Natura 2000-gebied niet zal aantasten.

Wanneer dit niet het geval is, kan het plan of project enkel gerealiseerd worden wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. er zijn geen alternatieve oplossingen;
  2. het plan of project is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard, en;
  3. de nodige compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van Natura 2000 bewaard blijft.

Met de inwerkingtreding van de Stikstofwet zal in de Wnb een streefwaarde geïntroduceerd worden voor het terugbrengen van stikstofneerslag op Natura 2000-gebieden, wat ook gevolgen zal hebben voor vergunningaanvragen. Voor meer informatie over de nieuwe Stikstofwet kunt u een eerder door ons geschreven blog raadplegen.

Wijziging of uitbreiding van een bestaande activiteit

Wanneer de uitbreiding van een reeds bestaande activiteit wordt beoogd, hoeft niet in alle gevallen een natuurvergunning aangevraagd te worden. Dit oordeelde de Afdeling in haar uitspraak van 20 januari 2021 over de uitbreiding van een varkenshouderij (ECLI:NL:RVS:2021:71).

Indien een bestaande inrichting gewijzigd of uitgebreid wordt, dient bij wijze van voortoets ook beoordeeld te worden of er een toename van stikstofdepositie bestaat ten opzichte van de referentiesituatie (lees: bestaande situatie). Met andere woorden, hiermee wordt getoetst of de wijziging significante gevolgen heeft voor de aanwezige natuurwaarden.

Bij het beoordelen van een eventuele toename van stikstofdepositie, mag intern gesaldeerd worden. Dit houdt, kort gezegd, in dat wanneer bij het doorvoeren van de wijziging of uitbreiding stikstof wordt uitgestoten, rekening mag worden gehouden met technieken waarmee deze uitstoot op diezelfde locatie kan worden gecompenseerd.

Sinds de uitspraak van de Afdeling van 20 januari 2021 geldt het volgende uitgangspunt: als de wijziging of uitbreiding van een project niet leidt tot een toename van stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie (doordat intern gesaldeerd wordt), dan is op grond van objectieve gegevens uitgesloten dat die wijziging significante gevolgen heeft. Voor dergelijke situaties geldt dan ook in het geheel geen vergunningplicht, waardoor ook het verrichten van een passende beoordeling niet langer nodig is. 

Advies over natuurvergunningen

De regelgeving over de vergunningplicht voor projecten die mogelijk invloed hebben op de instandhouding van natuurwaarden is complex. Heeft u juridische bijstand of advies nodig over de realisatie van een project waarbij een natuurvergunning mogelijk vereist is? Blenheim begeleidt en adviseert u graag. 

Gepubliceerde Artikelen